Wanneer is de wegbeheerder aansprakelijk?

Tim Warnsinck • 13 augustus 2026

In het kort. Op grond van artikel 6:174 BW is de wegbeheerder, meestal de gemeente, aansprakelijk voor schade door een weg die niet voldoet aan de eisen die men in de gegeven omstandigheden mag stellen. Schuld of kennis van het gebrek is niet vereist. Of een oneffenheid een gebrek is, hangt af van de aard en functie van de weg, de zichtbaarheid van het gevaar, de kans op ongevallen en de bezwaarlijkheid van maatregelen. De wegbeheerder ontkomt alleen als het gebrek vlak voor het ongeval ontstond, en voert vaak eigen schuld aan. Leg de plek daarom direct vast.

Bent u gevallen door een gat in de weg of een losliggende tegel? Het eerste gesprek is kosteloos.
Bespreek uw zaak

Aansprakelijk, maar niet absoluut

Een gat in het wegdek, een verzakte stoeptegel, een fietspad dat door een boomwortel omhoog is gedrukt: wie daardoor ten val komt, kijkt al snel naar de wegbeheerder. Die aansprakelijkheid bestaat, maar zij is niet absoluut. Niet elke oneffenheid is een gebrek, en niet elk ongeval op een slechte weg komt voor rekening van de gemeente.

Twee grondslagen: artikel 6:174 en artikel 6:162 BW

De belangrijkste grondslag is artikel 6:174 BW, de risicoaansprakelijkheid voor gebrekkige opstallen. Een openbare weg is een opstal, en voldoet die weg niet aan de eisen die men er in de gegeven omstandigheden aan mag stellen, dan is de wegbeheerder in beginsel aansprakelijk voor de schade die daardoor ontstaat. Schuld is niet vereist, en het doet er in beginsel niet toe of de wegbeheerder het gebrek kende of hoe het is ontstaan.

Daarnaast staat de gewone onrechtmatige daad van artikel 6:162 BW open. Daar moet wel worden aangetoond dat de wegbeheerder verwijtbaar handelde, bijvoorbeeld door een bekend gevaar te laten voortbestaan. Die route blijft van belang waar artikel 6:174 BW niet reikt: onverharde wegen worden naar de heersende opvatting niet als opstal aangemerkt, en hetzelfde geldt voor waterwegen.

Wie de wegbeheerder is

Artikel 6:174 lid 2 BW wijst voor openbare wegen het overheidslichaam aan dat moet zorgen dat de weg in goede staat verkeert. Dat is in de regel de gemeente, tenzij het Rijk, de provincie of een waterschap de weg onderhoudt. Wie welke weg buiten de bebouwde kom beheert, staat in de wegenlegger van de gemeente, een document dat bij een aansprakelijkstelling nogal eens over het hoofd wordt gezien.

Het begrip openbare weg is ruimer dan het wegdek. Ook het weglichaam en de weguitrusting vallen eronder, voor zover die met de verkeersfunctie samenhangen: vangrails, lichtmasten, verkeersborden en verkeersdrempels. Bomen in beginsel niet, en een berm alleen wanneer wegdek en berm als één geheel moeten worden beschouwd.

Wanneer een weg gebrekkig is

Dat is in vrijwel elke zaak het werkelijke geschilpunt. De Hoge Raad heeft het criterium ingekleurd in het Wilnis-arrest (HR 17 december 2010, ECLI:NL:HR:2010:BN6236): een afweging waarin de aard en functie van de weg, het te verwachten gebruik, de kans op ongevallen, de kenbaarheid van het gebrek en de mogelijkheid en bezwaarlijkheid van maatregelen meetellen, in de kern de gezichtspunten uit het Kelderluik-arrest. Een verhoogde kans op schade levert nog geen gebrek op, en het voldoen aan veiligheidsvoorschriften sluit een gebrek niet uit. Aan een doorgaande weg mogen hogere eisen worden gesteld dan aan een rustige weg in het buitengebied.

In de rechtspraak geldt een hoogteverschil van enkele centimeters in een trottoir of fietspad niet vanzelf als gebrek; beslissend zijn de plaats, de zichtbaarheid en het gebruik, en ook wie de weggebruiker is: een hoogteverschil dat voor een automobilist onschuldig is, kan voor een fietser of een scootmobielgebruiker wel degelijk gevaarlijk zijn. Hoe streng die toets kan uitvallen, laat de zaak zien van een bromfietser die viel op een fietspad dat op drie plaatsen door boomwortels omhoog was gedrukt. De rechtbank wees zijn vordering toe, het hof vernietigde dat vonnis: in een bosrijke omgeving mag de weggebruiker geen volledig egaal wegdek verwachten, de oneffenheden waren niet uitzonderlijk en het pad was een jaar eerder nog geïnspecteerd. De Hoge Raad liet dat oordeel in 2021 in stand (ECLI:NL:HR:2021:1809).

Voor gladheid, olie, bladeren en losliggende voorwerpen, zaken óp de weg in plaats van ván de weg, geldt artikel 6:174 BW in beginsel niet, en moet de vordering op artikel 6:162 BW worden gebouwd. Dat ligt anders bij voorwerpen die bij de weg zelf horen, zoals een losliggende putdeksel, split of opgewipte klinkers. IJzel maakt een weg evenmin gebrekkig, ook niet op zeer open asfalt dat sneller glad wordt; wie niet tijdig strooit, is daarom niet vanzelf aansprakelijk, al kan dat anders zijn waar met strooien is begonnen en een weggedeelte ten onrechte is overgeslagen. Bij zulke gevaren draait de zaak om de vraag hoe lang de situatie al bestond, of de wegbeheerder ervan wist of had moeten weten en hoe zijn inspectie was ingericht.

Beleidsvrijheid, budget en de CROW-richtlijnen

Bij een overheid als wegbeheerder wegen de beleidsvrijheid bij het prioriteren van onderhoud en de beschikbare middelen mee. De weggebruiker mag niet verwachten dat elke weg op elk moment onberispelijk is. Die vrijheid is echter begrensd, en hoe concreter de norm, hoe minder ruimte er overblijft. De CROW-richtlijnen zijn niet bindend, maar bieden objectieve aanknopingspunten die rechters geregeld tot maatstaf nemen. Een beroep op beperkte middelen slaagt niet met de enkele stelling dat het budget op was: de wegbeheerder moet onderbouwen welke keuzes zijn gemaakt en waarom de aanpak van dit gevaar daar niet in paste (HR 4 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:831). Hoe waarschuwingen en richtlijnen doorwerken, leest u bij waarschuwingen, bebording en CROW-richtlijnen.

De tenzij-clausule: het gebrek dat net was ontstaan

Artikel 6:174 BW is een risicoaansprakelijkheid, maar geen absolute. Aansprakelijkheid ontbreekt als die er op grond van artikel 6:162 BW ook niet zou zijn geweest wanneer de wegbeheerder het gevaar op het moment van ontstaan had gekend. Dat speelt vooral bij gebreken die vlak vóór het ongeval ontstonden, zoals een verzakking door extreme regenval. De marge is smal: het beroep slaagde bij een fietser die enkele minuten na het ontstaan van een gat daarin reed, terwijl enkele uren al te veel wordt geacht. De wegbeheerder moet bovendien aantonen dat de weg regelmatig werd gecontroleerd. Meer daarover staat bij risicoaansprakelijkheid.

Wat de weggebruiker zelf moet doen

Tegenover de zorgplicht van de wegbeheerder staat de eigen oplettendheid van de weggebruiker. De wegbeheerder moet er rekening mee houden dat niet iedereen steeds voorzichtig is, maar hoeft geen rekening te houden met verkeer dat op de weg niet thuishoort of met bewuste, grove overtredingen. Wie bekend is met de slechte staat van een weg en er toch te hard rijdt, krijgt eigen schuld tegengeworpen; dat verweer voert de wegbeheerder vrijwel standaard.

Wie wat moet bewijzen

De benadeelde moet stellen en zo nodig bewijzen dat de weg gebrekkig was, dat die daardoor gevaar opleverde en dat dit gevaar zich heeft verwezenlijkt. De precieze toedracht hoeft hij niet aannemelijk te maken; voldoende is dat een gevaar dat uit de toestand van de weg voortvloeit zich heeft verwezenlijkt (HR 19 december 2008, ECLI:NL:HR:2008:BG1890). Een dossier wint of verliest daarom op wat in de eerste dagen is vastgelegd: foto’s met iets ter vergelijking van de afmetingen, de exacte locatie, getuigen en eerdere meldingen over dezelfde plek.

Voor gesubrogeerde verzekeraars geldt een eigenaardigheid: op grond van artikel 6:197 BW kunnen zij zich niet op artikel 6:174 BW beroepen, en moeten zij hun verhaal op artikel 6:162 BW bouwen. Voor het slachtoffer zelf geldt die beperking niet. Bij letselschade kan de aansprakelijkheidsvraag versneld aan de rechter worden voorgelegd in een deelgeschil.

Wat wij voor u doen

Wij stellen vast wie de wegbeheerder is, leggen het gebrek en de toedracht vast, toetsen de situatie aan de rechtspraak en de CROW-richtlijnen, en stellen de wegbeheerder aansprakelijk.

Wat het u kost

Staat de aansprakelijkheid vast, dan komen de redelijke kosten van rechtsbijstand op grond van artikel 6:96 lid 2 BW in de regel voor rekening van de aansprakelijke partij. Wat bijstand verder kost en welke afspraak wij maken zolang de aansprakelijkheid in geschil is, leest u op de pagina over kosten.

Neem contact op

Wilt u weten of de wegbeheerder voor uw val aansprakelijk is?

Bel 035 – 203 11 62 of mail info@vittorialaw.nl. Het eerste gesprek is kosteloos. U spreekt direct de advocaat die uw dossier ook voert, en u hoort binnen één werkdag van ons.

Bespreek uw zaak

Veelgestelde vragen

Is elk gat in de weg een gebrek?

Nee. Beslissend is of de weg voldeed aan de eisen die men in de gegeven omstandigheden mag stellen. Aard en functie van de weg, zichtbaarheid van het gebrek en de kans op ongevallen wegen mee.

Moet ik bewijzen dat de gemeente het gat kende?

Nee. Onder artikel 6:174 BW is dat niet vereist. Alleen als het gebrek vlak voor het ongeval ontstond, kan de gemeente zich op de tenzij-clausule beroepen.

Wie is aansprakelijk voor een losliggende stoeptegel voor mijn deur?

De gemeente, als het trottoir openbare weg is. Ligt de tegel op particulier terrein, dan de eigenaar of bezitter van dat terrein.

Wat moet ik direct na de val doen?

Maak foto’s van de plek met iets ter vergelijking, noteer de exacte locatie, vraag getuigen om hun gegevens en laat het letsel door een arts vastleggen. De gemeente herstelt een gebrek vaak binnen enkele dagen.

Hoe lang heb ik om de gemeente aansprakelijk te stellen?

De verjaringstermijn is vijf jaar, maar stel de gemeente zo snel mogelijk schriftelijk aansprakelijk, zolang de situatie nog te documenteren is.

Verwante onderwerpen

Uw zaak laten beoordelen?

Heeft u schade geleden of bent u verwikkeld in een geschil over aansprakelijkheid, schade of bewijs?


Vittoria Law beoordeelt uw juridische positie, brengt de belangrijkste risico’s in kaart en denkt mee over de meest effectieve vervolgstap.

door Tim Warnsinck • 4 september 2026
Letsel opgelopen tijdens een bedrijfsuitje of personeelsfeest? Lees wanneer uw werkgever aansprakelijk is, ook als deelname vrijwillig was.
door Tim Warnsinck • 4 september 2026
Mishandeld of bedreigd door een klant, patiënt of cliënt tijdens uw werk? Lees wanneer uw werkgever aansprakelijk is en welke routes u nog meer heeft.
door Tim Warnsinck • 4 september 2026
Rugklachten door tillen, duwen of trekken op het werk? Lees wanneer uw werkgever aansprakelijk is, welk bewijs telt en waar zulke zaken op stranden.
door Tim Warnsinck • 4 september 2026
Aangereden of bekneld geraakt door een heftruck? Lees wanneer uw werkgever aansprakelijk is en wat u direct moet vastleggen.
Wetboek met rechtershamer
door Tim Warnsinck • 3 september 2026
Wat moet u na een arbeidsongeval bewijzen en wat moet uw werkgever bewijzen? Lees welk bewijs het verschil maakt en wat u direct moet veiligstellen.
Bouwvakkers met helm aan het werk
door Tim Warnsinck • 3 september 2026
Letsel door een machine op het werk? Lees wanneer uw werkgever aansprakelijk is en welke verweren bij de rechter zelden standhouden.
arbeidsongeval, werkgeversaansprakelijkheid, 7:658 BW, aansprakelijkheid, advocaat, schade
door Tim Warnsinck • 3 september 2026
Net een arbeidsongeval gehad? Lees stap voor stap wat u de eerste dagen en weken moet doen, wat u beter kunt laten en hoe u uw schade veiligstelt.
Advocaat werkgeversaansprakelijkheid beoordeelt letselschade na val van trap of ladder op het werk
door Tim Warnsinck • 3 september 2026
Gevallen van een ladder, steiger of trap op het werk? Lees wanneer uw werkgever aansprakelijk is, wat het Arbobesluit eist en wat u nu moet doen.
Gevaarzetting, onrechtmatige daad, Kelderluik-arrest, kelderluik factoren,
door Tim Warnsinck • 3 september 2026
De vier Kelderluik-factoren uitgelegd. Lees wanneer een gevaarlijke situatie onrechtmatig is en wat u kunt doen bij letsel of een aansprakelijkstelling.
beroepsziekte, 7:658, 7:611, rugklachten, aansprakelijkheid, werkgeversaansprakelijkheid
door Tim Warnsinck • 3 september 2026
Hof wijst claim over rugklachten af: geen causaal verband en geen proportionele aansprakelijkheid. Lees waar de omkeringsregel bij beroepsziekten ophoudt.