Aansprakelijk gesteld zonder verzekering: wat nu?

In het kort. Wie aansprakelijk wordt gesteld zonder dekking, verliest zijn verzekeraar — niet zijn verweer. De wederpartij zal nog steeds moeten onderbouwen waarop zij haar claim grondt, dat uw handelen de schade heeft veroorzaakt en hoe groot die schade werkelijk is, en juist op die laatste twee punten sneuvelen claims het vaakst. Wijst uw eigen verzekeraar af wegens een uitsluiting, een te late melding of de omschreven hoedanigheid, dan is dat een standpunt dat zich laat toetsen; blijkt het dekkingsgat te zijn ontstaan doordat uw tussenpersoon de verkeerde polis adviseerde, dan is er alsnog een verzekerde partij die de schade kan dragen. Stuur ons de aansprakelijkstelling en uw polis, dan hoort u binnen één werkdag hoe sterk de claim is, waar nog dekking kan zitten en wat uw verstandigste eerste stap is. Dat eerste gesprek is kosteloos; is er werkelijk geen dekking, dan spreken wij vooraf een vaste prijs per fase af.

Aansprakelijk gesteld en geen verzekering die dekt?

Leg uw zaak kosteloos voor. U spreekt een advocaat, geen intakeformulier. Bel 035 – 203 11 62 of mail info@vittorialaw.nl.

Bespreek uw zaak

Geen dekking betekent niet dat de claim klopt

Het ontbreken van een verzekering zegt niets over de vraag of u aansprakelijk bent. Het verandert alleen wie het verweer voert en wie de rekening draagt. Waar een verzekeraar normaal gesproken de regie neemt, een expert inschakelt en zijn vaste advocaat aanwijst, staat u er nu zelf voor — en dat is precies waarom wederpartijen in deze dossiers scherper inzetten dan zij tegenover een verzekeraar zouden doen. Zij weten dat de onverzekerde ondernemer vaak betaalt om ervan af te zijn.

Dat is zelden de verstandigste route. De claim moet nog altijd worden gedragen door een grondslag, door causaal verband en door een onderbouwde schadeomvang, en op elk van die punten kan hij stranden. Wat er bij u aan de voorkant ontbreekt, ontbreekt niet aan de achterkant van het dossier: het verweer zelf is er nog. Wat u de eerste weken doet, weegt daarbij zwaarder dan wat er in de brief staat, en het algemene vertrekpunt daarvoor staat bij wat u moet doen als u aansprakelijk gesteld wordt.

Waaróm er geen dekking is, bepaalt wat u nu kunt doen

Onverzekerd zijn is geen toestand maar een uitkomst, en de weg ernaartoe is bepalend. De eenvoudigste variant is dat er nooit een aansprakelijkheidsverzekering voor bedrijven is gesloten, vaak bij een startende onderneming of een zzp’er die het risico niet zag. Vaker ligt het subtieler: er ís een polis, maar de schade valt erbuiten. Schade aan zaken die u onder u had, aan wat u zelf heeft geleverd of aan het werk dat u zelf heeft uitgevoerd, zuivere vermogensschade zonder zaak- of letselschade, aansprakelijkheid die uitsluitend voortvloeit uit een boete-, garantie- of vrijwaringsbeding, schade met of door een motorrijtuig, de kosten van een terughaalactie: het zijn stuk voor stuk vaste uitsluitingen die zich in vrijwel elke AVB terugvinden. Ook uw aansprakelijkheid voor werknemers die in de uitoefening van hun werk aan het verkeer deelnemen valt daarbuiten en vraagt om een aparte dekking.

Daarnaast struikelt menig ondernemer over de omschreven hoedanigheid. Wie verzekerd is als installateur en een dakconstructie aanpast, of verzekerd is als adviseur en een product levert, werkt buiten de dekking zonder het te weten. Bij beroepsaansprakelijkheidspolissen speelt daarnaast het aanspraakstelsel. Lang niet elke polis werkt zo — bedrijfsaansprakelijkheid loopt doorgaans nog op het moment waarop de schade zich voordoet — maar waar dat stelsel geldt, is gedekt de claim die tijdens de looptijd wordt ingediend, zodat wie kort geleden is overgestapt of zijn praktijk heeft beëindigd zonder uitlooptermijn met een gat blijft zitten. Onderschat daarbij de omstandighedenmelding niet: vrijwel elke claims made-polis bepaalt dat een tijdig gemelde omstandigheid die tot een aanspraak kán leiden, wordt toegerekend aan het jaar van melding. Wie het dreigende conflict destijds heeft aangekaart, houdt dekking ook wanneer de claim pas jaren later op de mat valt. In de praktijk redt die ene melding meer dossiers dan welk inhoudelijk verweer ook, en zij wordt bij de afwijzing zelden uit eigen beweging door de verzekeraar opgeworpen. Loopt het verwijt over uw beroepsuitoefening, dan vindt u de uitwerking bij aansprakelijk gesteld voor een beroepsfout. En ten slotte is er de polis die wél dekt, maar tot een limiet die deze claim niet haalt; dan is de vraag niet óf u meebetaalt, maar hoeveel.

Een afwijzing van uw verzekeraar is een standpunt, geen eindoordeel

Een brief waarin dekking wordt afgewezen leest doorgaans als een vaststelling, maar dat is zij niet. Het is de verzekeraar die zich op een uitsluiting beroept, en het is dus ook de verzekeraar die moet onderbouwen dat de uitzondering op zijn eigen dekkingsomschrijving hier werkelijk opgaat. Alles draait daarbij op de kwalificatie, en daar wordt de strijd in werkelijkheid gevoerd: gaat het om een uitsluiting, dan ligt de bewijslast bij de verzekeraar, maar valt de schade volgens hem al buiten de primaire omschrijving van de dekking, dan bent u het die moet aantonen dat de gebeurtenis eronder valt. Verzekeraars formuleren die omschrijving om precies die reden steeds vaker zo ruim dat wat materieel een uitsluiting is, formeel als dekkingsbegrenzing is vormgegeven. Wie dat onderscheid niet aan de orde stelt, laat de zwaarste last ongemerkt bij zichzelf liggen. Polisvoorwaarden die u niet heeft kunnen uitonderhandelen, worden bovendien uitgelegd naar wat daarin objectief, in het licht van de hele polis, redelijkerwijs te lezen valt — en niet naar de uitleg die de opsteller er achteraf aan wil geven. Een uitsluiting die ruim wordt toegepast, houdt daar lang niet altijd stand.

Dat geldt in het bijzonder voor de afwijzing wegens te late melding. Artikel 7:941 BW verlangt dat u de schade meldt zodra dat redelijkerwijs mogelijk is, maar verbindt daaraan drie heel verschillende gevolgen. Verval van het recht op uitkering kan de verzekeraar alleen bedingen voor zover hij door het uitstel in een redelijk belang is geschaad, en dat beding moet dan ook werkelijk in de polis staan. Daarnaast mag hij de uitkering verminderen met de schade die hij door de late melding lijdt, wat iets anders is dan haar in haar geheel weigeren en in de praktijk op een fractie uitkomt. Alleen wanneer u hem met opzet heeft misleid, vervalt de aanspraak in beginsel volledig, en dat moet hij stellen en bewijzen. Is het bewijs nog intact, is de schade nog te beoordelen en heeft hij de regeling niet gemist, dan is het enkele tijdsverloop dus geen grond om u met de claim te laten zitten. Wie dat onderscheid niet aan de orde stelt, krijgt het ook niet.

Wie het dekkingsgat veroorzaakte, kan het ook dragen

Zit u buiten de dekking doordat uw polis niet aansloot op wat u werkelijk deed, dan verschuift de vraag naar degene die u adviseerde. Een assurantietussenpersoon moet handelen als een redelijk bekwaam en redelijk handelend adviseur: hij moet doorvragen naar uw werkzaamheden, u wijzen op de risico’s die daarmee onverzekerd blijven en u waarschuwen wanneer een wijziging in uw bedrijfsvoering een gat in de dekking slaat. Wie is verzekerd in een hoedanigheid die zijn adviseur al jaren kende als een andere, of wie bij een overstap zonder een woord over de uitlooptermijn is gelaten, heeft daar een reële aanspraak.

Dat is in deze dossiers meer dan een juridische bijkomstigheid. De tussenpersoon is zelf beroepsaansprakelijk verzekerd, zodat er aan het einde van die lijn alsnog een partij staat die de schade kan dragen. Het lelijke detail is de termijn: die aanspraak verjaart op haar eigen tempo, en wie eerst jarenlang met de wederpartij procedeert en pas daarna aan zijn adviseur denkt, komt vaak te laat. De volgorde waarin u deze twee lijnen inzet, is daarom een strategische keuze die aan het begin gemaakt moet worden, niet aan het eind.

Waar de claim zelf op kan stranden

Het inhoudelijke verweer begint bij de grondslag. Beroept de wederpartij zich op een tekortkoming in de nakoming van een overeenkomst, op onrechtmatige daad of op een risicoaansprakelijkheid, en past die keuze wel bij de feiten? Daarna komt het causaal verband, in de praktijk het zwakste onderdeel van vrijwel elke claim en het onderdeel waarop zonder advocaat zelden verweer wordt gevoerd: dat er schade is en dat er een fout is, betekent nog niet dat de een uit de ander volgt. Vervolgens de schadeposten, die bij zakelijke claims standaard te ruim worden opgevoerd, met gederfde winst die in werkelijkheid omzet is, met herstelkosten die tot een verbetering leiden en met posten die twee keer in de opstelling staan.

Daarnaast liggen er verweren die de omvang drukken zonder dat de aansprakelijkheid zelf ter discussie staat. Eigen schuld aan de kant van de wederpartij verdeelt de schade naar rato, en wie heeft nagelaten zijn schade te beperken — door een goedkopere herstelroute te passeren of door een productiestop onnodig te laten voortduren — draagt dat deel zelf. En dan is er de tijd: een vordering tot schadevergoeding verjaart in beginsel vijf jaar nadat de benadeelde zowel met de schade als met u bekend is geworden, waarover meer bij verjaring van schadevergoeding. In oudere kwesties is dat het eerste wat wij nakijken.

Uw eigen algemene voorwaarden zijn vaak het sterkste verweer

Ondernemers onderschatten stelselmatig wat hun eigen voorwaarden waard zijn. Een beding dat de aansprakelijkheid beperkt tot de opdrachtsom, dat gevolgschade uitsluit of dat een vervaltermijn voor klachten stelt, kan een claim van enkele tonnen terugbrengen tot een fractie daarvan — mits het beding van toepassing is geworden en de wederpartij er redelijkerwijs kennis van heeft kunnen nemen. Daar wringt het meestal: voorwaarden die pas op de factuur worden genoemd, die nooit zijn toegezonden of die per opdracht wisselen, halen het niet. Dat verwijt snijdt overigens niet in elke verhouding hout, want een wederpartij van enige omvang — kort gezegd de partij die zelf een jaarrekening moet publiceren of meer dan vijftig werknemers telt — kan zich op het ontbreken van terhandstelling helemaal niet beroepen.

Daaraan gaat in zakelijke dossiers bijna altijd een andere vraag vooraf: wiens voorwaarden gelden eigenlijk? Verwijzen beide partijen naar hun eigen set, dan geldt in Nederland de eerste verwijzing, tenzij de tweede partij de voorwaarden van de eerste uitdrukkelijk van de hand heeft gewezen. Een standaardzin achter op een orderbevestiging is daarvoor niet genoeg. Die volgorde is in de correspondentie doorgaans nog precies te reconstrueren, en zij beslist vaker over de uitkomst dan de inhoud van de bedingen zelf.

Waar zij wel gelden, is de discussie doorgaans of een beroep erop naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. Dat lukt de wederpartij zelden, maar bij ernstige verwijtbaarheid of bij letsel wel eens. De omgekeerde situatie komt trouwens net zo vaak voor: ook de wederpartij heeft voorwaarden, en wie zelf is aangesproken doet er goed aan te bekijken of dáárin iets staat wat de claim begrenst of in de tijd beperkt. De verdere uitwerking staat bij contractuele geschillen en schade voor ondernemers.

Zonder dekking raakt de claim uw eigen vermogen

Waar een verzekeraar ontbreekt, komt het verhaal bij de onderneming zelf terecht, en soms ook daarbuiten. Drijft u een eenmanszaak, dan bestaat er geen scheiding tussen zakelijk en privé en kan de wederpartij zich op uw hele vermogen verhalen. In een vennootschap onder firma bent u hoofdelijk verbonden voor de schulden van de vennootschap, ook voor die van uw vennoot. In een besloten vennootschap ligt dat anders, maar de bescherming is niet absoluut: wie namens de vennootschap verplichtingen aangaat terwijl hij weet of behoort te begrijpen dat zij die niet kan nakomen, of wie verhaal bewust onmogelijk maakt, loopt het risico persoonlijk te worden aangesproken wegens een ernstig persoonlijk verwijt.

Dat maakt het tempo belangrijk, en niet pas vanaf het vonnis. Een wederpartij die weet dat er geen verzekeraar achter u staat, wacht doorgaans niet af: zij vraagt de voorzieningenrechter verlof voor conservatoir beslag en legt dat op uw bankrekening, uw voorraad of uw debiteuren. Dat verlof wordt op een kort verzoekschrift verleend, zonder dat u wordt gehoord en zonder dat de vordering inhoudelijk is beoordeeld, en het eerste wat u ervan merkt is dat de rekening niet meer werkt. Voor een onderneming is dat het moment waarop een juridisch geschil een continuïteitsprobleem wordt, en het is het sterkste argument om niet af te wachten: beslag valt op te heffen of af te wenden door zekerheid te stellen, maar dat vergt dat het dossier al staat. Ligt er eenmaal een vonnis, dan volgt executie, komen de proceskosten erbij en is er niets meer te kiezen. Het verschil tussen die twee momenten is in deze dossiers vrijwel altijd groter dan het verschil in juridisch gelijk.

De rechter kan de vergoeding matigen, maar doet dat zelden

Voor het geval dat alles vaststaat, kent de wet een laatste klep. Artikel 6:109 BW geeft de rechter de bevoegdheid een wettelijke verplichting tot schadevergoeding te matigen wanneer volledige toewijzing, gelet op de aard van de aansprakelijkheid, de verhouding tussen partijen en de draagkracht van beiden, tot kennelijk onaanvaardbare gevolgen zou leiden. Het ontbreken van een verzekering is daarbij niet zonder betekenis, want de wet verbindt aan het matigingsrecht uitdrukkelijk de grens dat nooit verder wordt gematigd dan tot het bedrag waarvoor de aansprakelijkheid verzekerd was — of verzekerd had moeten zijn.

Dat laatste is meteen de keerzijde. Bestond er een verzekeringsplicht en heeft u die verzuimd, dan biedt het artikel u niets. En ook zonder die plicht past de rechter het terughoudend toe: het gaat om uitzonderingsgevallen, niet om een billijkheidscorrectie voor iedereen die zijn premie niet heeft betaald. Reken er in de onderhandeling dus niet op, maar laat het verweer niet liggen wanneer de verhoudingen scheef genoeg liggen om het te dragen.

Een regeling is vaker de beste uitkomst dan een vonnis

Uw wederpartij weet meestal ook dat er geen verzekeraar achter u staat, en dat werkt twee kanten op. Het verleidt haar tot een hogere inzet, maar het maakt haar tegelijk kwetsbaar: een vonnis op een onderneming die het bedrag niet kan dragen, levert haar een papieren overwinning op waaraan zij nog jaren kosten heeft. Dat is precies de ruimte waarin een regeling ontstaat, zeker wanneer zij wordt aangeboden op een moment dat het verweer zichtbaar serieus is. Een bedrag ineens, een betalingsregeling of een gefaseerde afwikkeling, steeds tegen finale kwijting en vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst die ook uw bijkomende risico’s afdekt.

Blijft de vraag of de schade ergens anders thuishoort. Kwam het gebrek uit een geleverde grondstof, uit het werk van een onderaannemer of uit een fout van een ingeschakelde adviseur, dan loopt er een lijn naar die partij — en die is doorgaans wél verzekerd. Die lijn moet in dezelfde procedure worden ingezet, door die partij in vrijwaring op te roepen, en daarvoor geldt een harde termijn: de vordering daartoe moet vóór alle weren worden ingesteld, dus bij de eerste gelegenheid waarop u zich in de procedure uitlaat. Wie dat moment voorbij laat gaan, houdt zijn regres over, maar moet het daarna in een tweede procedure voeren, met alle kosten en jaren die daarbij horen.

Blijft de claim uiteindelijk te groot voor de onderneming, dan is het eerlijker om dat vroeg onder ogen te zien dan er met een procedure omheen te werken. De Wet homologatie onderhands akkoord maakt het mogelijk schuldeisers, ook één betwiste schadeclaim, een dwangakkoord op te leggen zonder dat de onderneming failliet gaat, mits de cijfers dat dragen. En loopt het wel op een faillissement uit, weet dan wat u riskeert: heeft het bestuur de administratie niet op orde of de jaarrekening te laat gedeponeerd, dan staat onbehoorlijke taakvervulling vast en wordt vermoed dat die het faillissement heeft veroorzaakt, waarna de curator het tekort op het bestuur verhaalt. Dat vermoeden is te ontzenuwen, maar de bewijspositie is dan wel omgedraaid, en het is de reden waarom het achterstallige deponeren van een jaarrekening in deze dossiers bovenaan de lijst staat.

Wat wij voor u doen

Wij leggen de aansprakelijkstelling en uw polis naast elkaar en beoordelen ze in samenhang, omdat de zwakke plek van de claim en de ruimte in de dekking elkaar beïnvloeden. Wij bouwen het verweer op vanaf het leerstuk dat de zaak werkelijk beslist, toetsen de afwijzing van uw verzekeraar op houdbaarheid, brengen in kaart of uw tussenpersoon, een leverancier of een onderaannemer het gat kan dragen, en bekijken per zaak of onderhandelen, een dekkingsprocedure of verweer in rechte de sterkste route is. Die beoordeling doen wij vanaf beide kanten van de tafel: wij werkten jarenlang op de schadeafdeling van verzekeraars en traden als advocaat voor verzekeraars op, en weten daardoor hoe een dossier aan die kant wordt gelezen. U spreekt bovendien de advocaat die uw dossier ook voert.

Wat het u kost

Het eerste gesprek is kosteloos en verplicht u tot niets. Blijkt er tegen de verwachting in toch dekking te bestaan, dan neemt uw verzekeraar het verweer en de kosten in beginsel over en bewaken wij dat uw belangen daarbij scherp blijven. Heeft u een rechtsbijstandverzekering, dan hoeft u geen genoegen te nemen met de jurist van uw verzekeraar: zodra er wordt geprocedeerd heeft u recht op vrije advocaatkeuze, en wij verzorgen dat overleg voor u.

Is er werkelijk geen dekking, dan spreken wij vooraf een vaste prijs per fase af, zodat u van tevoren weet waar u aan toe bent en de rekening niet meebeweegt met het aantal bestede uren. Wat wij rekenen, en wat een procedure daarnaast aan griffierecht en deurwaarderskosten meebrengt, staat overzichtelijk bij kosten en tarieven.

Neem contact op

Bent u als ondernemer aansprakelijk gesteld en biedt uw verzekering geen dekking? Stuur ons de aansprakelijkstelling en uw polisvoorwaarden. U hoort binnen één werkdag hoe sterk de claim werkelijk is, of er ergens toch dekking zit en wat de verstandigste eerste stap is.

Bel 035 – 203 11 62 of mail de stukken naar info@vittorialaw.nl. Liever dat wij u bellen? Laat uw gegevens achter via contact.

Veelgestelde vragen

Moet ik een claim melden als ik weet dat er geen dekking is?

Ja. Of er dekking bestaat, is niet aan u om te beoordelen, en een melding die achterwege blijft levert later een discussie op die vermijdbaar was. Bovendien blijkt een polis met enige regelmaat toch iets te dekken dat de ondernemer zelf had afgeschreven.

Mijn verzekeraar wijst af wegens te late melding. Sta ik dan met lege handen?

Niet zonder meer. Een verzekeraar kan aan een te late melding alleen verval van uitkering verbinden voor zover hij daardoor in een redelijk belang is geschaad. Is het bewijs nog beschikbaar en is de schade nog te beoordelen, dan is het enkele tijdsverloop doorgaans onvoldoende.

Kan mijn tussenpersoon aansprakelijk zijn voor het ontbreken van dekking?

Dat kan, wanneer hij niet heeft doorgevraagd naar uw werkzaamheden, u niet heeft gewezen op een onverzekerd risico of u bij een overstap niet op de uitlooptermijn heeft geattendeerd. Die aanspraak kent een eigen verjaringstermijn, dus stel haar niet uit tot na afloop van de hoofdzaak.

Ben ik in privé aansprakelijk als mijn bv de schade niet kan betalen?

In beginsel niet: de vennootschap draagt de schuld. Dat verandert wanneer u een ernstig persoonlijk verwijt treft, bijvoorbeeld doordat u verplichtingen aanging waarvan u wist dat de vennootschap ze niet kon nakomen of doordat u verhaal hebt gefrustreerd.

Kan ik een betalingsregeling afdwingen?

Afdwingen niet, maar in de praktijk komt zij vaak tot stand. Een wederpartij die inziet dat volledige en onmiddellijke betaling onhaalbaar is, kiest meestal liever voor zekerheid in termijnen dan voor een vonnis dat niet te executeren valt. Leg zo’n regeling altijd vast tegen finale kwijting.

Wat kost het mij als ik de procedure verlies?

Dan wordt u in de regel veroordeeld in de proceskosten van de wederpartij, een forfaitair bedrag dat zelden haar volledige rekening dekt, bovenop de schadevergoeding en de wettelijke rente. Juist daarom beoordelen wij de slaagkans nuchter voordat er wordt geprocedeerd.

Verwante onderwerpen

Laat uw aansprakelijkheidszaak beoordelen

Neem contact op met Vittoria Law voor een eerste beoordeling van uw zaak. Wij kijken naar de feiten, de juridische positie, de kansen en risico’s en de meest effectieve vervolgstap.

E-mailadres

Email

info@vittorialaw.nl

Telefoonnummer

Telefoon

Bezoekadres

Kantoor


Gevestigd in Hilversum
:

Elzenlaan 61 | 1214 KK | Hilversum


Bezoeklocaties:


Amsterdam:

Olympisch Stadion 24 - 28 | 1076 DE  Amsterdam


Utrecht

Maliebaan 80A  |  3581 CD  | Utrecht