Schade en schadevergoeding

Wat is schade juridisch gezien?

Aansprakelijkheid is de opmaat, schade is het resultaat. Zodra vaststaat dat een ander aansprakelijk is, verschuift het geschil van de vraag óf er betaald moet worden naar de vraag hoeveel. In de praktijk is dat het langste en kostbaarste deel van een dossier: aansprakelijkheid wordt soms binnen enkele maanden erkend, over de omvang van de schade wordt vervolgens jaren onderhandeld.

Dat komt doordat schade geen vaststaand bedrag is dat ergens ligt te wachten. Schade moet worden geconstrueerd. Het uitgangspunt van artikel 6:95 e.v. BW is volledige vergoeding: de benadeelde moet zoveel mogelijk worden gebracht in de toestand waarin hij zou hebben verkeerd als de schadeveroorzakende gebeurtenis was uitgebleven. Dat vergt een vergelijking tussen twee werelden — de werkelijke situatie na het voorval en de hypothetische situatie zonder. Die tweede wereld bestaat niet en moet dus aannemelijk worden gemaakt.

Precies daar zit de kern van vrijwel elk geschil. Zou deze werknemer zijn doorgegroeid naar een leidinggevende functie? Zou deze ondernemer zijn omzet hebben vastgehouden? De Hoge Raad heeft geoordeeld dat aan een benadeelde in dit verband geen strenge eisen mogen worden gesteld: het is immers de aansprakelijke partij die hem de mogelijkheid heeft ontnomen zekerheid te verschaffen. Goede en kwade kansen moeten worden afgewogen, en redelijke verwachtingen tellen mee. Wie dat argument scherp voert, verplaatst het gesprek van bewijs naar waarschijnlijkheid — voor het slachtoffer een aanzienlijk gunstiger terrein.

De wet onderscheidt vermogensschade en ander nadeel dan vermogensschade. Het eerste omvat geleden verlies en gederfde winst, het tweede is het smartengeld van artikel 6:106 BW. Hoe die begroting technisch verloopt, leest u in hoe bereken je schade; een eerste indicatie geeft ons hulpmiddel schade berekenen.

Twee routes, afhankelijk van uw situatie

Bij letsel gaat het om verlies van arbeidsvermogen, huishoudelijke hulp, zelfwerkzaamheid, medische kosten en smartengeld — posten die doorlopen in de tijd en gekapitaliseerd moeten worden. Die behandelen wij op schadevergoeding na letsel.

Bij ondernemingen verschuift het zwaartepunt naar geleden verlies, gederfde winst, stilstandschade en bijkomende kosten. Daarvoor is bedrijfsschade en gevolgschade het startpunt.

Overlijdt iemand door een ongeval of fout, dan bepaalt artikel 6:108 BW limitatief wie welke schade kan vorderen; daarnaast bestaat sinds 2019 recht op affectieschade voor naasten en nabestaanden. Zie welke schade kan worden vergoed bij overlijden, shockschade en affectieschade en, over de recente koerswijziging van de Hoge Raad, shockschade na het Hoogeveen-arrest. Kosten die een derde ten behoeve van het slachtoffer maakt, zijn onder voorwaarden te vorderen als verplaatste schade. De volledige route voor nalatenschap en gezin staat op schadevergoeding voor nabestaanden.

Wat de uitkomst drukt

Twee correcties verdienen vroeg aandacht, omdat verzekeraars ze standaard inzetten.

De schadebeperkingsplicht verlangt dat u binnen redelijke grenzen meewerkt aan herstel. Die plicht is reëel maar niet onbegrensd; waar de grens ligt, behandelen wij in moet een slachtoffer zich laten behandelen of omscholen. Daarnaast werkt eigen schuld rechtstreeks door in iedere post — al brengt de billijkheidscorrectie het percentage vaak weer terug.

Ten slotte de begrenzing van artikel 6:98 BW: alleen schade die redelijkerwijs aan de gebeurtenis kan worden toegerekend, komt voor vergoeding in aanmerking. Dat is geen detail maar de scharnier van het hele dossier — zie causaal verband en bewijs, en voor klachten die zich niet laten objectiveren whiplash en niet-objectiveerbaar letsel.

Is de schade nog niet uit te rekenen omdat de medische eindtoestand niet is bereikt, dan is er geen reden te overhaasten: zie wat gebeurt er als ik mijn schade nu niet goed kan berekenen.

Is uw schade veroorzaakt door een misdrijf, dan loopt de route deels via het strafproces — zie slachtofferrecht.

Laat uw schade beoordelen.