Affectieschade: bedragen en wie er recht op heeft
Affectieschade is de wettelijke vergoeding voor het verdriet van naasten wanneer een dierbare overlijdt of ernstig en blijvend letsel oploopt. De bedragen staan vast en lopen van € 12.500 tot € 20.000. Wie er aanspraak op heeft, is limitatief in de wet geregeld.
Wat is affectieschade en wie heeft er recht op?
Wie een partner of kind verliest, of ziet dat een kind na een ongeval nooit meer de oude wordt, lijdt schade die zich niet in een rekensom laat vangen. Tot 2019 kende het Nederlandse recht daarvoor geen vergoeding: alleen het slachtoffer zelf kon smartengeld vorderen. Sinds 1 januari 2019 is dat anders. Naasten en nabestaanden hebben een eigen aanspraak, die losstaat van de vordering van het slachtoffer en van de nalatenschap.
De wettelijke grondslag
Affectieschade is geregeld in artikel 6:107 lid 1 sub b BW voor de situatie waarin het slachtoffer ernstig en blijvend letsel heeft, en in artikel 6:108 lid 3 BW voor de situatie waarin het slachtoffer is overleden. In beide gevallen geldt dezelfde voorwaarde: een ander moet aansprakelijk zijn voor de gebeurtenis die het letsel of het overlijden heeft veroorzaakt. Is er geen aansprakelijke partij, dan is er ook geen recht op vergoeding.
De aansprakelijke betaalt, of zijn verzekeraar. Bij een verkeersongeval is dat doorgaans de WAM-verzekeraar; bij een misdrijf de dader zelf, met het Schadefonds Geweldsmisdrijven als terugvaloptie wanneer verhaal niet mogelijk blijkt.
Het bedrag staat vast. Het is een forfait, geen begroting. De wetgever heeft er bewust van afgezien de omvang van het verdriet te laten vaststellen door een rechter, juist om nabestaanden een pijnlijke discussie over de intensiteit van hun relatie te besparen. Dat betekent ook dat de vergoeding niet hoger wordt naarmate het verlies zwaarder weegt: zij staat voor erkenning en genoegdoening, niet voor compensatie.
Wanneer is sprake van ernstig en blijvend letsel?
Bij overlijden is die vraag niet aan de orde. Bij letsel is zij vrijwel altijd het strijdpunt. De wet definieert het begrip niet. In de parlementaire geschiedenis is als richtsnoer genoemd dat sprake moet zijn van ongeveer 70% blijvende functionele invaliditeit. De Hoge Raad heeft dat percentage in zijn arrest van 30 november 2021 (ECLI:NL:HR:2021:1750) als uitgangspunt aanvaard, maar niet als harde ondergrens: ook bij een lager percentage kan het letsel in combinatie met de overige gevolgen zo ingrijpend zijn dat het leven van de naaste er wezenlijk door verandert.
In de praktijk is dit de post waarop verzekeraars het scherpst verweer voeren. Een medisch onderbouwde vaststelling van de blijvende gevolgen is daarom vaak beslissend.
Wie heeft recht op affectieschade?
De kring van gerechtigden is limitatief opgesomd in artikel 6:107 lid 2 en artikel 6:108 lid 4 BW. Daartoe behoren de echtgenoot of geregistreerd partner, de levensgezel met wie ten tijde van de gebeurtenis duurzaam een gemeenschappelijke huishouding werd gevoerd, de ouders en de kinderen van het slachtoffer, degene die duurzaam in gezinsverband voor het slachtoffer zorgde en degene voor wie het slachtoffer duurzaam in gezinsverband zorgde. Onder die laatste twee categorieën vallen pleegouders en pleegkinderen, maar bijvoorbeeld ook het kleinkind dat door een grootouder werd grootgebracht.
Daarnaast kent de wet een restcategorie: wie in een zodanig nauwe persoonlijke relatie tot het slachtoffer stond dat redelijkheid en billijkheid een vergoeding meebrengen. Die hardheidsclausule is bedoeld voor uitzonderingen en wordt terughoudend toegepast.
Broers en zussen komen in de opsomming niet voor. Zij zijn voor hun aanspraak volledig aangewezen op de restcategorie, en vormen daarmee de grootste groep die op de hardheidsclausule een beroep doet. Dat vraagt om concrete onderbouwing van de aard en de intensiteit van de band. Een wetsvoorstel dat broers en zussen wél standaard in de kring opneemt en de bedragen met ongeveer 12,5% verhoogt, ging op 24 november 2025 in consultatie. Het is op dit moment nog niet in werking getreden; de hierna genoemde bedragen gelden dus onverkort.
Welke bedragen gelden?
De bedragen volgen uit het Besluit vergoeding affectieschade en zijn sinds 2019 niet geïndexeerd. Zij hangen af van de relatie tot het slachtoffer, van de vraag of sprake is van ernstig en blijvend letsel dan wel overlijden, en van de vraag of de oorzaak een misdrijf was.
Gerechtigde Ernstig en blijvend letsel Overlijden Letsel door misdrijf Overlijden door misdrijf Echtgenoot of geregistreerd partner € 15.000 € 17.500 € 17.500 € 20.000 Levensgezel € 15.000 € 17.500 € 17.500 € 20.000 Minderjarige kinderen en hun ouders € 15.000 € 17.500 € 17.500 € 20.000 Meerderjarige thuiswonende kinderen en hun ouders € 15.000 € 17.500 € 17.500 € 20.000 Pleegkinderen en pleegouders € 15.000 € 17.500 € 17.500 € 20.000 Zorg in gezinsverband € 15.000 € 17.500 € 17.500 € 20.000 Meerderjarige niet-thuiswonende kinderen en hun ouders € 12.500 € 15.000 € 15.000 € 17.500 Overige nauwe persoonlijke relaties € 12.500 € 15.000 € 15.000 € 17.500 Twee beperkingen verdienen vermelding. Affectieschade kan alleen worden gevorderd als de schadeveroorzakende gebeurtenis op of na 1 januari 2019 heeft plaatsgevonden; voor oudere gebeurtenissen bestaat de aanspraak niet, hoe ernstig de gevolgen ook zijn. En eigen schuld van het slachtoffer werkt door in de vordering van de naaste: droeg het slachtoffer zelf bij aan het ontstaan van het ongeval, dan wordt de vergoeding op grond van artikel 6:101 BW naar evenredigheid verminderd.
Affectieschade is niet hetzelfde als shockschade
Beide vorderingen komen toe aan een ander dan het directe slachtoffer, en juist daarom worden zij vaak verward. Affectieschade vergoedt het verdriet om wat een dierbare is overkomen; de relatie tot het slachtoffer is beslissend en het bedrag staat vast. Shockschade vergoedt het eigen geestelijk letsel dat ontstaat door de directe confrontatie met de gebeurtenis of met de ernstige gevolgen daarvan; daar staat niet de relatie centraal maar de aard van de confrontatie en het aantoonbare psychische letsel, en wordt de schade wél concreet begroot. Sinds het arrest van de Hoge Raad van 28 juni 2022 (ECLI:NL:HR:2022:958) zijn de eisen voor shockschade verruimd.
De vorderingen sluiten elkaar niet uit en kunnen naast elkaar bestaan. Welke grondslag in uw situatie werkelijk aan de orde is, leest u in wanneer heb ik recht op shockschade of affectieschade.
Vorderen bij de verzekeraar of in de strafzaak
Is het letsel of het overlijden het gevolg van een misdrijf, dan kunt u zich als benadeelde partij voegen in het strafproces op grond van artikel 51f Sv. Dat kost u niets. Wijst de strafrechter de vordering toe met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel, dan int het CJIB voor u, en bij gewelds- en zedenmisdrijven keert de Staat het toegewezen bedrag uit als de veroordeelde na acht maanden niet heeft betaald.
Omdat affectieschade een forfaitair bedrag is, leent zij zich bij uitstek voor behandeling in de strafzaak: de vordering is eenvoudig vast te stellen en levert geen onevenredige belasting van het strafgeding op. Voor complexere posten, zoals gederfd levensonderhoud, ligt dat anders. Zie hoe voeg ik mij als benadeelde partij in het strafproces.
Gaat het om een ongeval zonder strafrechtelijk vervolg, dan wordt de vordering rechtstreeks bij de aansprakelijke partij of diens verzekeraar ingediend, doorgaans samen met de overige schadeposten. Welke posten dat zijn bij overlijden, zetten wij uiteen bij kan ik als nabestaande ook schadevergoeding krijgen.
Let op de verjaringstermijn
Een vordering tot schadevergoeding verjaart in beginsel vijf jaar nadat u bekend bent geworden met de schade en met de aansprakelijke partij. Bij een misdrijf kan een langere termijn gelden. Wacht niet af tot de strafzaak is afgerond: stel de aansprakelijke partij tijdig schriftelijk aansprakelijk en stuit de verjaring.
Wat kost dit u?
Is een ander aansprakelijk, dan komen de redelijke kosten van rechtsbijstand op grond van artikel 6:96 lid 2 BW voor rekening van de aansprakelijke partij. In de meeste dossiers betekent dat: geen kosten voor u. Voegt u zich in het strafproces, dan draagt u ook daar geen proceskosten. De mogelijkheden zetten wij op een rij bij wat kost een letselschadeadvocaat.
Tot slot
Geen bedrag maakt goed wat u is overkomen. Wel bepaalt de wijze waarop de vordering wordt opgebouwd of u de erkenning krijgt waarop u recht heeft — en of het volledige bedrag daadwerkelijk wordt gedragen door degene die de schade heeft veroorzaakt.
Wilt u weten of u aanspraak heeft op affectieschade? Neem contact op met Vittoria Law voor een vertrouwelijk en vrijblijvend gesprek. Een uitgebreide toelichting op onze werkwijze vindt u op de pagina schadevergoeding voor nabestaanden.
Uw zaak laten beoordelen?
Heeft u schade geleden of bent u verwikkeld in een geschil over aansprakelijkheid, schade of bewijs?
Vittoria Law beoordeelt uw juridische positie, brengt de belangrijkste risico’s in kaart en denkt mee over de meest effectieve vervolgstap.




