Hoe bewijst u gederfde winst en omzetverlies?
In het kort. Gederfde winst is vermogensschade en komt op grond van artikel 6:96 lid 1 BW voor vergoeding in aanmerking, maar zij laat zich nooit met zekerheid bewijzen: de vraag is steeds wat er zonder het schadeveroorzakende feit waarschijnlijk zou zijn gebeurd. Artikel 6:97 BW laat de rechter die schade begroten en, wanneer de omvang niet nauwkeurig valt vast te stellen, schatten — maar hij doet dat alleen op een dossier dat hem daarvoor iets geeft: cijfers over de normale bedrijfsvoering, marges, lopende opdrachten en de omstandigheden van de markt. Omzetverlies is daarbij niet hetzelfde als winstderving, en een schadeopstelling die dat onderscheid niet maakt, wordt vrijwel altijd juist op dat punt aangevallen. Het eerste gesprek is kosteloos; in zakelijke dossiers geldt een uurtarief van € 250 exclusief btw of, bij omvangrijker werk, een vooraf afgesproken vaste prijs per fase.
Twijfelt u of uw omzetverlies en gederfde winst voldoende bewijsbaar zijn? Leg uw zaak kosteloos voor; u spreekt een advocaat, geen intakeformulier. Bespreek uw zaak.
Begin bij de normale bedrijfsvoering
Een overtuigend dossier over winstderving begint niet bij het incident, maar bij de vraag hoe de onderneming daarvóór functioneerde. Daar hoort een beeld bij van de omzet die gewoonlijk werd gerealiseerd en van de marges die daarbij gebruikelijk waren, van de opdrachten en reserveringen die al liepen, van de bezettingsgraad of de productiecapaciteit, en van de vraag of het bedrijf te maken had met seizoensinvloed, met groei of juist met afbouw. Zonder die basis blijft een beroep op gederfde winst hangen in de algemene stelling dat de omzet is teruggevallen, en dat is te weinig, omdat de rechter aanknopingspunten nodig heeft om zich een waarschijnlijkheidsoordeel te kunnen vormen.
Hoe gederfde winst zich verhoudt tot het direct geleden verlies en tot de bijkomende kosten, staat in welke schadeposten onder bedrijfsschade vallen.
Omzetverlies is niet hetzelfde als winstderving
In de praktijk worden omzetverlies en winstderving vaak door elkaar gehaald, en juridisch is dat onzuiver. Mist een onderneming omzet, dan betekent dat niet dat die gemiste omzet zonder meer als schade kan worden gevorderd. Wat telt is de werkelijke uitwerking op het resultaat, en daarbij spelen de marge, de vaste lasten die gewoon doorliepen, de kosten die door het wegvallen van de omzet juist zijn bespaard en de aard van de bedrijfsvoering allemaal een rol.
Een schadeopstelling die het verschil tussen omzet en winst niet maakt, is kwetsbaar: de wederpartij hoeft er maar één keer op te wijzen om de hele berekening in twijfel te trekken. De schade moet daarom niet alleen boekhoudkundig kloppen, maar ook juridisch zijn doordacht.
De rechter mag schatten, maar niet zonder basis
Artikel 6:97 BW bepaalt dat de rechter de schade begroot op de wijze die het meest met de aard ervan in overeenstemming is, en dat hij haar schat wanneer de omvang niet nauwkeurig kan worden vastgesteld. Dat is in bedrijfsschadezaken van groot belang, want er hoeft niet te worden gewacht tot elke euro exact is bewezen. Daar staat tegenover dat ook een schatting een grondslag nodig heeft, omdat schadevergoeding ertoe strekt de benadeelde zoveel mogelijk te brengen in de toestand waarin hij zonder het schadeveroorzakende feit zou hebben verkeerd.
U moet de rechter dus iets geven om op voort te bouwen: jaarstukken en financiële cijfers, orderinformatie en marges, gegevens over eerdere jaren, externe marktfactoren en andere objectieve aanwijzingen. Hoe die posten zich tot elkaar verhouden binnen een bedrijfsschadeclaim, staat op bedrijfsschade en gevolgschade.
Ook een jonge onderneming kan winstderving bewijzen
Het bewijs is lastiger wanneer de onderneming nog jong is, wanneer zij in een groeifase verkeerde of wanneer de omzet sterk projectmatig en wisselend is. Onmogelijk is het niet. In zulke gevallen wegen andere aanknopingspunten zwaarder: reeds getekende opdrachten, structurele klanten, geoffreerde projecten die met redelijke waarschijnlijkheid zouden zijn gegund, marktontwikkelingen en uitbreidingsplannen die al vóór het incident in gang waren gezet. Hoe concreter die stukken zijn, hoe minder ruimte er overblijft voor het verweer dat de gestelde winst niet meer is dan een verwachting.
Winstderving speelt ook bij beroepsfouten en wanprestatie
Winstderving is geen onderwerp dat tot brand- en waterschade beperkt blijft. Ook bij een fout van een adviseur, bij niet-nakoming van een overeenkomst of bij ondeugdelijk uitgevoerd werk bestaat de schade vaak juist uit misgelopen winst, terwijl er nauwelijks directe schade valt aan te wijzen. Wie in zo'n geval kan worden aangesproken, staat in wanneer een opdrachtnemer aansprakelijk is voor een beroepsfout en wie een beroepsfout moet bewijzen; voor de zakelijke context als geheel is contractuele geschillen en schade voor ondernemers het vertrekpunt.
Onzekerheid maakt een vordering niet kansloos
Veel ondernemers haken te vroeg af, in de overtuiging dat winstderving toch niet precies te bewijzen valt. Dat is te kort door de bocht. Het schadevergoedingsrecht erkent nu juist dat bepaalde schadeposten alleen langs de weg van aannemelijkheid en waarschijnlijkheid kunnen worden vastgesteld. De lat ligt daarmee niet laag, maar een goede onderbouwing weegt zwaarder dan het onhaalbare streven naar zekerheid.
Betreft de onzekerheid niet de omvang maar de kans zelf, dan komt kansschade in beeld. Gaat het geschil over de vraag of het incident de teruggelopen winst wel heeft veroorzaakt, dan is causaal verband en bewijs de eerste horde. En omdat gederfde winst zelden op zichzelf staat, hoort zij in de claim thuis naast het directe verlies en de bijkomende kosten die bij bedrijfsschade voor vergoeding in aanmerking komen.
Wat wij voor u doen
Vittoria Law bouwt uw schadeopstelling op vanaf het punt waar de discussie werkelijk wordt beslist — het onderscheid tussen omzet en winst, en de vergelijking met de situatie zoals die zonder het incident zou zijn geweest — en waar een berekening door een deskundige nodig is, wordt daarin voorzien en over de vraagstelling meegedacht. U spreekt de advocaat die uw dossier ook voert.
Wat het u kost
Het eerste gesprek is kosteloos. Staat de aansprakelijkheid vast of is zij voldoende aannemelijk, dan komen de redelijke kosten ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid en ter verkrijging van voldoening buiten rechte op grond van artikel 6:96 lid 2 BW voor rekening van de aansprakelijke partij. Is de aansprakelijkheid nog in geschil, dan wordt vooraf een heldere afspraak gemaakt: op uurbasis, of bij een omvangrijk dossier tegen een vaste prijs per fase. Wat dat in uw geval betekent, staat op kosten.
Neem contact op
Bel 035 – 203 11 62 of mail info@vittorialaw.nl. U hoort binnen één werkdag van ons. U kunt uw zaak ook hier kosteloos voorleggen.
Veelgestelde vragen
Moet ik mijn gederfde winst tot op de euro bewijzen?
Nee. Artikel 6:97 BW staat de rechter toe de schade te schatten wanneer de omvang niet nauwkeurig kan worden vastgesteld. Wel moet u genoeg aanleveren om die schatting te dragen; zonder cijfers over de normale bedrijfsvoering is er niets om op voort te bouwen.
Kan ik de volledige gemiste omzet vorderen?
Nee. Vergoed wordt de winst die u bent misgelopen, niet de omzet. Van de gemiste omzet gaan de kosten af die u door het wegvallen daarvan niet hebt hoeven maken.
Mijn bedrijf bestond nog maar kort. Heeft een claim dan zin?
Ja, maar de onderbouwing moet dan uit andere stukken komen dan uit jaarcijfers. Getekende opdrachten, vaste klanten, uitgebrachte offertes en concrete plannen die al liepen, zijn in dat geval het bewijs.
Telt het mee dat ik na het incident kosten heb bespaard?
Ja. Kosten die door het wegvallen van de omzet niet zijn gemaakt, komen op de schade in mindering. Wie die kant zelf inzichtelijk maakt, staat sterker dan wie afwacht tot de wederpartij het onderwerp opwerpt.
Wie betaalt de kosten van een schade-expert?
Redelijke kosten ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid komen op grond van artikel 6:96 lid 2 BW voor vergoeding in aanmerking. Of zij daadwerkelijk worden vergoed, hangt af van de aansprakelijkheid en van de vraag of het inschakelen van die deskundige redelijk was.
Hoe lang heb ik om mijn schade te claimen?
Een vordering tot schadevergoeding verjaart in beginsel vijf jaar nadat u bekend bent geworden met zowel de schade als de aansprakelijke partij, en in elk geval twintig jaar na de gebeurtenis. Meer daarover staat op verjaring van schadevergoeding.Verwante onderwerpen
- Bedrijfsschade en gevolgschade
- Welke schadeposten vallen onder bedrijfsschade?
- Wanneer krijgt u ook bijkomende kosten vergoed bij bedrijfsschade?
- Causaal verband en bewijs
- Wat is kansschade?
Uw zaak laten beoordelen?
Heeft u schade geleden of bent u verwikkeld in een geschil over aansprakelijkheid, schade of bewijs?
Vittoria Law beoordeelt uw juridische positie, brengt de belangrijkste risico’s in kaart en denkt mee over de meest effectieve vervolgstap.




