Wie moet een beroepsfout bewijzen?
In het kort. Bij een beroepsfout rust de bewijslast in beginsel op de opdrachtgever: hij moet stellen en zo nodig bewijzen dat de professional is tekortgeschoten in wat een redelijk bekwaam en redelijk handelend vakgenoot zou hebben gedaan. Omdat de professional meestal het dossier en de kennis heeft, kan op hem een verzwaarde stelplicht rusten. Hij moet dan concreet uitleggen wat hij heeft gedaan en waarom. Doet hij dat onvoldoende, dan kan de rechter de fout voorshands bewezen achten.
Het gevoel dat er iets mis is gegaan, is niet genoeg
Veel cliënten voelen haarscherp aan dat een advocaat, notaris, arts, makelaar of accountant steken heeft laten vallen. In een procedure over beroepsaansprakelijkheid blijkt dat gevoel alleen zelden voldoende. Veel zaken stranden niet op de norm, maar op het bewijs, en daarom is de vraag wie wat moet bewijzen vaak beslissend.
De hoofdregel staat in artikel 150 Rv: wie zich beroept op de rechtsgevolgen van door hem gestelde feiten, moet die feiten bewijzen. De opdrachtgever die schadevergoeding vordert wegens een beroepsfout, moet dus stellen en zo nodig bewijzen dat de opdrachtnemer in zijn zorgplicht is tekortgeschoten.
Wat de opdrachtgever moet aantonen
De opdrachtgever moet uitwerken welke zorgplicht gold, wat de professional had moeten doen, wat hij heeft gedaan of nagelaten, en waarom dat beneden de maatstaf van de redelijk bekwaam en redelijk handelend vakgenoot bleef. Pas daarna komt de vraag aan de orde of daardoor schade is ontstaan, en hoeveel. Hoe dat causaal verband wordt bewezen, staat bij causaal verband en bewijs.
In de praktijk is dat lastig. Juist de professional beschikt over het dossier, de aantekeningen, de correspondentie en de kennis van hoe de opdracht is uitgevoerd. De opdrachtgever komt daardoor gemakkelijk in bewijsnood.
De verzwaarde stelplicht
Om die bewijsnood te ondervangen, heeft de rechtspraak de verzwaarde stelplicht ontwikkeld. De bewijslast wordt daarmee niet omgekeerd, maar de professional moet zijn betwisting veel concreter onderbouwen: hij moet feitelijke gegevens verschaffen over wat hij heeft gedaan en waarom. Doet hij dat niet, dan kan de rechter de stellingen van de opdrachtgever als onvoldoende betwist aanmerken, of de fout voorshands bewezen achten, behoudens tegenbewijs.
De regel is vooral bekend uit het medische aansprakelijkheidsrecht, maar wordt ook toegepast bij notarissen, advocaten en andere professionals. Zij dwingt de beroepsbeoefenaar tot openheid wanneer de relevante informatie in zijn domein ligt, en maakt dossiervorming aan zijn kant tot een wapen voor de opdrachtgever.
De rol van deskundigen
Bij de beoordeling van professioneel handelen wordt vaak een deskundige ingeschakeld. De rechter kan meestal niet zelf beoordelen of een arts, notaris of accountant beneden de professionele standaard is gebleven. Een deskundigenrapport, al dan niet door de rechter gelast, geeft daarom in veel beroepsaansprakelijkheidszaken de doorslag. Wie vóór de procedure al een onafhankelijk advies laat opstellen, weet beter waar hij staat.
Waarom de cliënt niet kansloos is
Dat de opdrachtgever moet bewijzen, betekent niet dat hij per definitie zwak staat. Heeft de professional zijn dossier slecht bijgehouden, kan hij essentiële stukken niet overleggen of legt hij onvoldoende uit hoe hij heeft gehandeld, dan verzwakt zijn processuele positie aanzienlijk. De bewijslast blijft formeel bij de opdrachtgever, maar de verzwaarde stelplicht maakt het verschil.
Het loont daarom om vroeg de stukken te verzamelen waaruit blijkt wat wel en niet is gedaan: correspondentie, concepten, waarschuwingen, interne notities en facturen. Veel procedures worden op dat niveau gewonnen of verloren. Het bredere kader staat bij beroepsaansprakelijkheid; ging het om een gemiste kans, dan speelt ook kansschade.
Wat wij voor u doen
Wij brengen uw bewijspositie in kaart, vorderen de stukken op waarop de professional een verzwaarde stelplicht draagt, en schakelen zo nodig een onafhankelijke deskundige in.
Wat het u kost
Staat de aansprakelijkheid vast, dan komen de redelijke kosten van rechtsbijstand op grond van artikel 6:96 lid 2 BW in de regel voor rekening van de aansprakelijke partij. Wat bijstand verder kost en welke afspraak wij maken zolang de aansprakelijkheid in geschil is, leest u op de pagina over kosten.
Neem contact op
Wilt u weten of de beroepsfout in uw zaak bewijsbaar is?
Bel 035 – 203 11 62 of mail info@vittorialaw.nl. Het eerste gesprek is kosteloos. U spreekt direct de advocaat die uw dossier ook voert, en u hoort binnen één werkdag van ons.
Bespreek uw zaakVeelgestelde vragen
Kan ik mijn dossier bij de professional opvragen?
Ja. Een opdrachtgever heeft in de regel recht op afschrift van de stukken die op zijn zaak betrekking hebben. Bij medische gegevens volgt dat uit de wet; bij andere professionals uit de overeenkomst en de beroepsregels.
Wordt de bewijslast bij een verzwaarde stelplicht omgekeerd?
Nee. De bewijslast blijft bij de opdrachtgever. De professional moet wel concreet onderbouwen wat hij heeft gedaan; schiet hij daarin tekort, dan kan de rechter aannemen dat de fout vaststaat.
Heb ik altijd een deskundige nodig?
Niet altijd, maar bij medische, technische of financiële vragen vrijwel wel. De rechter kan zelf een deskundige benoemen; een eigen advies vooraf helpt om te bepalen of een zaak kansrijk is.
Wat als de schade pas jaren later zichtbaar wordt?
Een vordering uit beroepsfout verjaart in de regel vijf jaar nadat u de schade en de aansprakelijke kent, en uiterlijk twintig jaar na de fout. Wacht daarom niet te lang met een stuitingsbrief.
Moet ik eerst een klacht indienen bij de beroepsorganisatie?
Dat hoeft niet. Een tuchtklacht en een schadevordering zijn gescheiden trajecten. Een tuchtuitspraak kan wel helpen bij het bewijs van de fout.
Verwante onderwerpen
Uw zaak laten beoordelen?
Heeft u schade geleden of bent u verwikkeld in een geschil over aansprakelijkheid, schade of bewijs?
Vittoria Law beoordeelt uw juridische positie, brengt de belangrijkste risico’s in kaart en denkt mee over de meest effectieve vervolgstap.




