Welke medische informatie moet je aanleveren bij letselschade (en wat niet)?
Over welke medische informatie je moet aanleveren
Openheid vs. privacy
De medische informatie is het fundament van vrijwel iedere letselschadezaak, maar juist daar ontstaat frictie: het slachtoffer wil privacy beschermen, de verzekeraar wil kunnen toetsen. Het uitgangspunt in het medische traject is dat alleen die informatie wordt verzameld en gedeeld die nodig is om de vordering te beoordelen. In de praktijk wordt medische informatie doorgaans opgevraagd door de belangenbehartiger en/of de medisch adviseur van het slachtoffer. Alleen in uitzonderingssituaties ligt die taak bij de medisch adviseur van de verzekeraar (bijvoorbeeld bij een first party-verzekering of als er nog geen belangenbehartiger is).
Een kernpunt is dat de hypothetische situatie zonder ongeval vaak niet goed kan worden beoordeeld zonder inzicht in relevante medische voorgeschiedenis. In de literatuur is benadrukt dat je zonder pre-existente gegevens het “zonder-ongeval”-scenario niet zuiver kunt afzetten tegen de huidige situatie. De consequentie is dat benadeelden in elk geval richting de medisch deskundige doorgaans inzage moeten bieden in medische voorgeschiedenis, omdat anders de expertise inhoudelijk tekortschiet.
Privacy vs. een eerlijk proces
De tweede, heikele stap is of die voorgeschiedenis ook met de verzekeraar gedeeld moet worden. In de rechtspraak is dit onderwerp geplaatst tegen de achtergrond van art. 6 EVRM (eerlijk proces) en art. 8 EVRM (privacy). Er zijn uitspraken geweest waarin het privacybelang moest wijken voor het belang van de verzekeraar om zich door een eigen medisch adviseur te laten voorlichten over potentiële relevantie. Tegelijk is ook verdedigd dat art. 6 EVRM niet zonder meer een recht op volledige inzage geeft en dat hoor en wederhoor vooral ziet op de stukken die daadwerkelijk aan het deskundigenoordeel ten grondslag liggen. Dit betekent dat de juiste route vaak is: eerst gecontroleerd verzamelen, daarna doelgericht delen, met waarborgen dat alleen een gekwalificeerde arts als medisch adviseur toegang krijgt.
Specificeer de machtiging
Daarom loont het om te sturen op specificiteit: welke periode, welke specialismen, welke vraag. De KNMG benadrukt dat een algemene machtiging “om alles maar te mogen opvragen” onvoldoende specifiek is; in de machtiging hoort te staan welke informatie wordt gevraagd en met welk doel. Behandelaren moeten bovendien feitelijk blijven en zich niet laten verleiden tot globale, taxerende oordelen.
Praktisch gezien is het voor slachtoffers vaak een opluchting om te horen dat “alles delen” zelden nodig is, maar “iets achterhouden” een zaak wél kan laten ontsporen, juist omdat een deskundige dan geen betrouwbaar contrast kan maken met de voorgeschiedenis. De kunst is dus niet: maximaal beschermen of maximaal prijsgeven, maar juridisch en medisch gecontroleerd doseren.
Neem contact op
Wordt u gevraagd uw volledige medisch dossier te delen, of is onduidelijk wat ‘relevant’ is? Wij brengen afbakening aan en zorgen dat alleen noodzakelijke informatie wordt gedeeld, via de juiste medische route. Neem contact op.










