Strijd met een wettelijke plicht: wanneer leidt een wetschending tot aansprakelijkheid?
Wanneer leidt een wetschending tot aansprakelijkheid?
Een schending van een wettelijke norm is vaak een krachtig uitgangspunt voor aansprakelijkheid. Toch betekent ook dat niet dat de zaak daarmee automatisch is gewonnen. De civiele aansprakelijkheidsvraag is breder dan de enkele constatering dat een regel is overtreden.
Wat is strijd met een wettelijke plicht?
Een van de drie gronden van art. 6:162 BW is dat iemand handelt in strijd met een wettelijke plicht. Daaronder valt het handelen of nalaten in strijd met een wettelijk gebod of verbod. Dat begrip moet ruim worden opgevat. Het kan gaan om een wet in formele zin, maar ook om andere algemeen bindende voorschriften, en onder omstandigheden om vergunningvoorschriften of handelen zonder vereiste vergunning.
Welke regels vallen onder een wettelijke plicht?
De categorie omvat onder meer strafrechtelijke normen, bestuursrechtelijke voorschriften en andere rechtsregels die burgers of ondernemingen binden. In de praktijk gaat het vaak om veiligheidsnormen, verkeersnormen, vergunningsvoorwaarden of andere duidelijke regels waarvan de inhoud concreet bepaalbaar is. Dat is in bewijsrechtelijk opzicht aantrekkelijk, omdat een concrete norm vaak eenvoudiger te stellen en te bewijzen is dan een open zorgvuldigheidsnorm.
Voor het bredere kader leest u ook ons artikel over wanneer iets onrechtmatig is volgens art. 6:162 BW.
Leidt een wetschending automatisch tot aansprakelijkheid?
Nee. Een wetschending maakt de gedraging doorgaans onrechtmatig, maar voor een toewijsbare vordering is meer nodig. Er moet ook schade zijn, toerekenbaarheid, causaal verband en relativiteit. Juist dat laatste vereiste is vaak doorslaggevend. De overtreden norm moet strekken tot bescherming van het belang waarin de benadeelde is getroffen. Zonder die koppeling blijft een formele normschending civielrechtelijk soms zonder gevolg.
Waarom zijn relativiteit en causaliteit ook hier belangrijk?
Zelfs wanneer onrechtmatigheid vaststaat, blijft de vraag welke schade nog juridisch aan de normschending kan worden toegerekend. Niet iedere schade die zich na een overtreding voordoet, valt binnen het bereik van de aansprakelijkheid. Het debat verschuift dan naar de vraag welk belang de norm beschermt en of de concrete schade in voldoende verband staat tot de schending.
Meer daarover leest u in ons artikel over toerekening, causaliteit en schadevergoeding.
Hoe gebruikt u een wetschending in een civiele zaak?
In civiele procedures is het doorgaans verstandig om een wetschending niet alleen te noemen, maar ook te duiden. Welke norm is overtreden? Welk belang beschermt die norm? Welke schade is daardoor ontstaan? En waarom valt juist deze schade binnen het beschermingsbereik? Een aansprakelijkheidsstelling die die vragen concreet beantwoordt, staat juridisch veel sterker dan een brief die zich beperkt tot het citeren van één artikel.
Voor de algemene basis leest u ook ons artikel over wat een onrechtmatige daad is.










