Wat betekent de norm van de redelijk bekwaam en redelijk handelend beroepsbeoefenaar?
Wat betekent de norm van de redelijk bekwaam en redelijk handelend beroepsbeoefenaar? Lees hoe deze maatstaf werkt bij beroepsaansprakelijkheid.
Inleiding
Wie een deskundige inschakelt, verwacht niet alleen inzet maar ook professionaliteit. Toch gaat het aansprakelijkheidsrecht niet uit van foutloos handelen. De rechter verlangt in beginsel niet dat een beroepsbeoefenaar perfect presteert, maar wel dat hij handelt zoals van een redelijk bekwaam en redelijk handelend vakgenoot mag worden verwacht. Dat is de maatstaf die in de rechtspraak centraal staat bij beroepsaansprakelijkheid.
De formulering klinkt abstract, maar is in de praktijk van grote betekenis. Zij bepaalt immers wanneer een beroepsfout juridisch relevant wordt. Niet iedere mislukte uitkomst is een beroepsfout, maar ook niet ieder beroep op professionele vrijheid slaagt. Beslissend is of het handelen van de dienstverlener onder de professionele ondergrens is gebleven.
Waar komt deze norm vandaan?
De norm is inhoudelijk identiek aan de zorgplicht van art. 7:401 BW. Voor beroepsbeoefenaren wordt de wettelijke plicht om de zorg van een goed opdrachtnemer in acht te nemen dus ingevuld via het criterium van de redelijk bekwaam en redelijk handelend beroepsgenoot. Die maatstaf is in de rechtspraak terug te vinden bij artsen, advocaten, notarissen, accountants en assurantietussenpersonen.
Daarmee maakt de rechtspraak duidelijk dat de lat niet willekeurig wordt gelegd. De vraag is niet of de cliënt achteraf ontevreden is, maar of de dienstverlener beneden het niveau van een zorgvuldig professional is gebleven.
Waarom is deze maatstaf belangrijk?
Deze norm voorkomt twee uitersten. Enerzijds voorkomt zij dat een beroepsbeoefenaar al aansprakelijk is zodra iets anders loopt dan gehoopt. Anderzijds beschermt zij cliënten tegen slordig, onvoldoende doordacht of onvoldoende waarschuwend handelen. Het criterium brengt dus balans aan tussen professionele beoordelingsruimte en de gerechtvaardigde verwachting dat een deskundige zorgvuldig optreedt.
Daarbij telt de context zwaar mee. Wat van een arts, advocaat of notaris mag worden verwacht, hangt af van de aard van de opdracht, de kenbare risico’s, de belangen van de cliënt en de overige omstandigheden. Benadrukt wordt dat bij de beoordeling van een zorgplichtschending op alle relevante omstandigheden van het geval moet worden gelet.
Wat houdt deze norm concreet in?
In de praktijk betekent deze norm vaak dat een beroepsbeoefenaar moet waarschuwen voor reële risico’s, tijdig moet ingrijpen, zorgvuldig moet controleren, moet doorvragen als informatie onduidelijk is en de cliënt in staat moet stellen om goed geïnformeerd te beslissen. Dat blijkt ook uit de in Asser besproken rechtspraak over advocaten, notarissen, accountants en andere dienstverleners.
Juist daarom gaat het bij beroepsaansprakelijkheid vaak niet om één spectaculaire misslag, maar om een serie kleinere nalatigheden die samen maken dat de professionele standaard niet is gehaald. Die gedachte loopt ook door in de blog over wat onder een medische fout valt, waar evenmin iedere ongunstige uitkomst reeds een fout oplevert.
Is de norm voor iedere beroepsgroep hetzelfde?
De kern is gelijk, maar de concrete invulling verschilt per beroep en per opdracht. Voor een notaris ligt de nadruk bijvoorbeeld sterk op controles en het bereiken van het beoogde rechtsgevolg van de akte. Voor een advocaat speelt zwaar mee dat hij de rechtmatige belangen van de cliënt naar behoren moet behartigen en de cliënt goed moet informeren en waarschuwen. Voor een assurantietussenpersoon ligt de nadruk op het bewaken van de verzekeringsbelangen van de cliënt.
Dat betekent dat de norm altijd concreet moet worden ingevuld. Het is dus niet genoeg om te zeggen dat iemand “niet goed heeft opgelet”. Er moet worden gekeken naar de specifieke professionele standaard die in deze situatie gold.
Conclusie
De norm van de redelijk bekwaam en redelijk handelend beroepsbeoefenaar is de kernmaatstaf bij beroepsaansprakelijkheid. Zij bepaalt of een dienstverlener heeft gehandeld zoals van een zorgvuldig professional mocht worden verwacht. Die norm is inhoudelijk gelijk aan de zorgplicht van art. 7:401 BW, maar krijgt pas betekenis door een concrete toets aan de omstandigheden van het geval en aan de professionele standaard van de betrokken beroepsgroep.
Wilt u laten beoordelen of een beroepsbeoefenaar beneden de professionele standaard heeft gehandeld? Vittoria Law beoordeelt uw zaak scherp aan de hand van de geldende zorgplicht en de relevante rechtspraak. Neem contact op.
Lees ook
Wanneer is een opdrachtnemer aansprakelijk voor een beroepsfout?
Wat is causaal verband?
Wat is kansschade?










