Smartengeld: welke bedragen zijn gebruikelijk?
Smartengeld is de vergoeding voor nadeel dat niet in vermogensschade bestaat: pijn, verdriet, gemis aan levensvreugde. De hoogte wordt naar billijkheid vastgesteld, waarbij de rechter aansluiting zoekt bij bedragen die in vergelijkbare zaken zijn toegewezen. Sinds juni 2025 is dat vergelijken navolgbaar geworden. De Rotterdamse schaal, opgesteld door onderzoekers van Erasmus School of Law in opdracht van de Raad voor de rechtspraak, brengt het Nederlandse smartengeldpeil in kaart met bandbreedtes per letselcategorie. Die lopen van enkele honderden euro's bij licht letsel dat restloos herstelt tot € 220.000 à € 275.000 bij verlamming van alle vier de ledematen.
Artikel 6:106 BW noemt drie gevallen waarin smartengeld toekomt
Aanspraak op vergoeding van ander nadeel dan vermogensschade bestaat alleen als de wet daarin voorziet (artikel 6:95 lid 1 BW). De belangrijkste grondslag is artikel 6:106 BW, met drie gevallen: de aansprakelijke had het oogmerk juist dat nadeel toe te brengen; de benadeelde heeft lichamelijk letsel opgelopen, is in eer of goede naam geschaad of op andere wijze in zijn persoon aangetast; of de nagedachtenis van een overledene is aangetast. In de praktijk draait het vrijwel altijd om het tweede geval. Over de wijze waarop de rechter tot een bedrag komt, leest u meer op onze pagina over hoe de rechter smartengeld bepaalt.
Aantasting 'op andere wijze' vergt meer dan een geschonden recht
In het EBI-arrest (HR 15 maart 2019, ECLI:NL:HR:2019:376, NJ 2019/162) scherpte de Hoge Raad de maatstaf aan. Van aantasting in de persoon op andere wijze is niet reeds sprake bij de enkele schending van een fundamenteel recht. Vereist is óf naar objectieve maatstaven vastgesteld geestelijk letsel, óf een normschending waarvan de aard en ernst, en die van de gevolgen daarvan, een aanspraak rechtvaardigen. Bij ernstige misdrijven tegen de persoon worden die gevolgen doorgaans aangenomen zonder afzonderlijk bewijs, omdat zij zozeer voor de hand liggen.
De rechter begroot naar billijkheid en abstraheert van de beleving
In het overzichtsarrest over de vordering benadeelde partij (HR 28 mei 2019, ECLI:NL:HR:2019:793) somde de Hoge Raad op wat meeweegt: alle omstandigheden van het geval, waaronder de aard van de aansprakelijkheid en de ernst van het te maken verwijt, en bij letsel de aard en ernst van het letsel naar duur en intensiteit, de verwachting ten aanzien van het herstel en de leeftijd van het slachtoffer. Daarbij moet de rechter, waar mogelijk, letten op bedragen die in vergelijkbare gevallen zijn toegekend. In het coma-arrest (HR 20 september 2002, ECLI:NL:HR:2002:AE2149) voegde hij daaraan toe dat van de concrete beleving moet worden geabstraheerd. Dat verklaart waarom twee mensen met hetzelfde letsel in beginsel op hetzelfde bedrag uitkomen, ook als de een er zichtbaar zwaarder onder gebukt gaat.
De Rotterdamse schaal maakt het smartengeldpeil voor het eerst zichtbaar
De schaal ordent de bedragen in drie delen: deel A voor lichamelijk letsel, deel B voor naar objectieve maatstaven vastgesteld geestelijk letsel, deel C voor gevallen zonder aangetoond letsel. Per categorie staan een omschrijving, een bandbreedte en de factoren die bepalen waar binnen die bandbreedte een geval valt. Alle bedragen zijn geïndexeerd tot 1 juni 2025; met sindsdien opgetreden inflatie mag rekening worden gehouden. De schaal bindt niemand — zij is een hulpmiddel, geen tarief — maar haar betekenis is aanzienlijk, omdat een verzekeraar die ver onder de bandbreedte aanbiedt nu moet uitleggen waarom.
Deel A: van een kneuzing tot volledige verlamming
Aan de bovenkant staat tetraplegie, verlamming van alle vier de ledematen, met € 220.000 tot € 275.000. Zeer ernstig hersenletsel loopt van € 195.000 tot € 275.000, paraplegie en ernstig hersenletsel van € 150.000 tot € 195.000, het zwaarste rugletsel van € 62.000 tot € 110.000. Voor dodelijke verwondingen geeft de schaal geen bandbreedte maar een oriëntatiepunt: de top van wat in Nederland wordt toegewezen ligt rond € 195.000.
Het overgrote deel van de dossiers speelt zich lager af. Ernstige whiplashklachten met blijvende gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid vallen tussen € 10.000 en € 25.000, middelzware klachten die langer dan zes maanden aanhouden tussen € 2.675 en € 10.000. Voor licht letsel volgt de schaal de indicatieve standaarden van de Letselschade Raad: tot € 1.100 bij oppervlakkig letsel dat binnen twee maanden herstelt, oplopend tot € 2.675 wanneer het herstel vier tot zes maanden vergt. Een ondergrens is er niet: ook bij een blauw oog dat vlot geneest bestaat in beginsel aanspraak.
Deel B: psychisch onbehagen is geen geestelijk letsel
Voor geestelijk letsel geldt wél een ondergrens. Vereist is dat de psychische gezondheid is aangetast — niet dat iemand psychisch is aangedaan — en die aantasting moet naar objectieve maatstaven zijn vastgesteld, in de regel doordat een deskundige een in de psychiatrie erkend ziektebeeld diagnosticeert. Voor posttraumatische stressstoornis onderscheidt de schaal vier gradaties: € 2.675 tot € 5.500 bij nagenoeg volledig herstel binnen één tot twee jaar, oplopend tot € 41.000 tot € 69.000 wanneer de gevolgen blijvend zijn. Shockschade vormt geen eigen categorie: dat begrip duidt niet op een type aandoening maar op de wijze van ontstaan, namelijk confrontatie met een schokkende gebeurtenis.
Deel C: smartengeld zonder aantoonbaar letsel
Deel C ordent de gevallen waarin de aard en ernst van de normschending de aanspraak dragen, en knoopt daarvoor aan bij strafrechtelijke delicten. Voor verkrachting waarbij eventueel geweld geen of zeer gering letsel opleverde, onderscheidt de schaal € 2.500 tot € 7.500 bij een eenmalig feit, € 7.500 tot € 15.000 bij herhaling binnen ongeveer tweeënhalf jaar, en € 15.000 tot € 26.000 bij langdurige herhaling onder uitzonderlijk ernstige omstandigheden. Verder bevat deel C categorieën voor onder meer mensenhandel, belaging, vrijheidsberoving en bedreiging; zie ook schadevergoeding na mishandeling en slachtofferrecht. Dat deze bedragen lager liggen dan bij zwaar lichamelijk letsel verklaart zich doordat het hier gaat om gevallen zónder aangetoond letsel; is er wél geestelijk letsel, dan komt deel B er zelfstandig bij.
Meer dan één letsel is geen optelsom
Wie zowel arm- als beenletsel opliep, of zowel lichamelijk als geestelijk letsel, valt in meerdere categorieën tegelijk. Optellen leidt dan zelden tot een passend bedrag: soms overlappen de factoren, waardoor dubbeltelling ontstaat, soms is het geheel juist meer dan de som der delen — bijvoorbeeld wanneer armletsel het gebruik belemmert van loophulpmiddelen die door beenletsel al nodig waren. De schaal reikt twee werkwijzen aan: de Engelse, waarbij per letsel een bedrag wordt bepaald en het totaal daarna wordt getoetst, en de Ierse, waarbij het zwaarste letsel het uitgangspunt vormt en van daaruit wordt opgehoogd. Welke van beide wordt gevolgd, kan tienduizenden euro's schelen.
Bij overlijden vererft het smartengeld alleen na een mededeling
Overlijdt de benadeelde, dan gaat zijn vordering tot smartengeld op grond van artikel 6:95 lid 2 BW alleen over op de erfgenamen als hij de wederpartij heeft medegedeeld daarop aanspraak te maken. Sinds 1 januari 2019 is dat vereiste wel aanzienlijk lichter: onder het oude artikel 6:106 lid 2 BW vererfde de vordering pas als zij bij overeenkomst was vastgelegd of bij dagvaarding was ingesteld. Nu volstaat een mededeling. Een brief waarin de overledene bij leven aanspraak maakte op immateriële schadevergoeding kan daarmee een zelfstandige vordering van de nalatenschap in stand houden, naast de affectieschade van de nabestaanden zelf — een vordering die in de praktijk vaak over het hoofd wordt gezien. Eén begrenzing: in zijn arrest van 8 juli 2025 (ECLI:NL:HR:2025:1055) oordeelde de Hoge Raad dat leed dat de benadeelde niet kenbaar heeft kunnen ervaren, doordat hij direct het bewustzijn verloor en zonder bij bewustzijn te komen is overleden, niet met smartengeld wordt vergoed.
Smartengeld, affectieschade en shockschade zijn drie verschillende vorderingen
Smartengeld op grond van artikel 6:106 BW komt toe aan het slachtoffer zelf. Affectieschade is de vaste vergoeding voor naasten en nabestaanden (artikelen 6:107 en 6:108 BW): € 12.500 tot € 20.000 per gerechtigde volgens het Besluit vergoeding affectieschade, uitsluitend voor gebeurtenissen op of na 1 januari 2019. Shockschade is de vergoeding voor eigen geestelijk letsel na confrontatie met een schokkende gebeurtenis, sinds het Hoogeveen-arrest (HR 28 juni 2022, ECLI:NL:HR:2022:958) beoordeeld aan de hand van drie gezichtspunten waarvan geen vooraf doorslaggevend is. Lopen die aanspraken samen, dan weegt de rechter naar billijkheid en schattenderwijs af in hoeverre de toegekende affectieschade doorwerkt in de shockschade.
Zo werkt Vittoria Law
Wij beginnen bij de medische stukken, niet bij de schaal. Pas als vaststaat welk letsel is opgelopen, hoe lang de klachten duren en welke beperkingen blijven, valt te bepalen in welke categorie een zaak thuishoort en waar binnen de bandbreedte. Vervolgens onderbouwen wij de factoren die het bedrag omhoog duwen: leeftijd, de weerslag op werk, gezin en tijdsbesteding, cosmetische gevolgen en de ernst van het verwijt aan de aansprakelijke partij. Wij noemen tegenover u geen bedrag dat wij niet kunnen onderbouwen; een te hoge verwachting wekken is de eenvoudigste manier om een dossier te laten mislukken.
Veelgestelde vragen over smartengeld
Hoeveel smartengeld krijg ik bij een whiplash?
De Rotterdamse schaal noemt voor middelzware klachten die langer dan zes maanden aanhouden € 2.675 tot € 10.000, en voor ernstige klachten met blijvende gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid € 10.000 tot € 25.000. Herstelt u binnen zes maanden, dan valt de zaak onder licht letsel en liggen de bedragen lager.
Is de Rotterdamse schaal bindend voor de rechter?
Nee. De schaal is een hulpmiddel bij de begroting; niemand is eraan gebonden. Zij ontleent haar gezag aan het feit dat zij berust op toegewezen Nederlandse bedragen en is opgesteld in opdracht van de Raad voor de rechtspraak. In onderhandelingen met verzekeraars is dat gezag inmiddels merkbaar.
Kan ik smartengeld krijgen zonder lichamelijk letsel?
Ja, in twee situaties: wanneer naar objectieve maatstaven geestelijk letsel is vastgesteld, of wanneer de aard en ernst van de normschending en van de gevolgen daarvan een aanspraak rechtvaardigen. Van dat laatste is volgens het EBI-arrest niet reeds sprake bij de enkele schending van een fundamenteel recht.
Mijn partner is overleden. Kan ik zijn smartengeld nog vorderen?
Alleen als hij bij leven aan de aansprakelijke partij heeft medegedeeld daarop aanspraak te maken (artikel 6:95 lid 2 BW). Is dat gebeurd, dan vererft de vordering en staat zij naast uw eigen aanspraak op affectieschade. Laat correspondentie uit die periode beoordelen voordat u aanneemt dat de vordering is vervallen.
Telt smartengeld op bij de vergoeding van mijn inkomensverlies?
Ja. Smartengeld staat naast inkomensverlies, medische kosten, huishoudelijke hulp en overige materiële schade; die posten worden afzonderlijk berekend.
Wanneer gaat de wettelijke rente over smartengeld lopen?
Daarover bestaat geen eenduidig antwoord. Verdedigbaar is dat de rente ingaat op het moment waarop het bedrag wordt vastgesteld, juist omdat de schaal het actuele peil weergeeft. In langlopende dossiers voeren wij dat debat expliciet.
Verder lezen
Smartengeld is één post binnen een schadeberekening. Lees verder over hoe de rechter smartengeld bepaalt, over schade berekenen en over verjaring van schadevergoeding. Speelt uw zaak in een specifieke context, dan zijn affectieschade, shockschade na het Hoogeveen-arrest, whiplash en niet-objectiveerbaar letsel, schadevergoeding na mishandeling en slachtofferrecht de aangewezen vervolgpagina's.
Wat het kost om uw smartengeld te laten beoordelen
Een eerste gesprek bij Vittoria Law is kosteloos en vrijblijvend. Wij bekijken daarin welke categorie op uw letsel van toepassing is en welke stukken nodig zijn om binnen de bandbreedte hoog uit te komen. Is een ander aansprakelijk, dan komen de redelijke kosten van rechtsbijstand op grond van artikel 6:96 lid 2 BW voor rekening van de aansprakelijke partij; u betaalt die dus niet zelf. Neem uw medische stukken mee: zonder die stukken blijft elk bedrag een slag in de lucht.
Laat uw aansprakelijkheidszaak beoordelen
Neem contact op met Vittoria Law voor een eerste beoordeling van uw zaak. Wij kijken naar de feiten, de juridische positie, de kansen en risico’s en de meest effectieve vervolgstap.
info@vittorialaw.nl
Kantoor
Gevestigd in Hilversum:
Elzenlaan 61 | 1214 KK | Hilversum
Bezoeklocaties:
Amsterdam:
Olympisch Stadion 24 - 28 | 1076 DE Amsterdam
Utrecht
Maliebaan 80A | 3581 CD | Utrecht
