Hoe werkt het Schadefonds Geweldsmisdrijven?
In het kort. Het Schadefonds keert een eenmalige tegemoetkoming uit aan slachtoffers van een opzettelijk geweldsmisdrijf of een seksueel misdrijf met ernstig letsel, en aan hun naasten en nabestaanden. Er hoeft geen dader te zijn gevonden en geen veroordeling te zijn gevolgd; bepalend is of aannemelijk is dat het misdrijf heeft plaatsgevonden en dat het letsel daaruit voortkomt. Het bedrag volgt uit een vaste letsellijst en loopt van 1.000 tot 35.000 euro. Ligt er wél een veroordeling maar betaalt de dader niet, dan is er de voorschotregeling; ook die staat hieronder uitgelegd.
Wie een aanvraag kan doen
Het fonds keert uit aan wie in Nederland door een opzettelijk gepleegd geweldsmisdrijf, of door schuldverkrachting of schuldaanranding, ernstig lichamelijk of geestelijk letsel heeft opgelopen (artikel 3 Wet schadefonds geweldsmisdrijven). Daarnaast komen nabestaanden en naasten in aanmerking wanneer het slachtoffer is overleden of ernstig en blijvend letsel heeft, en ook nabestaanden van iemand die is overleden door overtreding van artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994 of van artikel 307 Sr. Wie de uitvaartkosten van het slachtoffer heeft voldaan, kan die eveneens indienen. Dat de dader onbekend is, dat de zaak is geseponeerd of dat er is vrijgesproken, staat aan een uitkering niet in de weg — juist in die zaken is het fonds vaak de enige overgebleven route.
Wat het fonds uitkeert
De hoogte volgt uit een letsellijst met zes categorieën: 1.000, 2.500, 5.000, 10.000, 20.000 en 35.000 euro. De ernst van het lichamelijke of psychische letsel bepaalt in welke categorie uw zaak valt; bij meerdere letsels telt het zwaarste. Naasten en nabestaanden ontvangen een vast bedrag van 5.000 euro.
Belangrijk om te weten is wat die uitkering is en wat niet. Het is geen schadevergoeding en geen smartengeld, maar één ongedifferentieerd bedrag dat zowel het leed als de financiële gevolgen geacht wordt te dekken. U kunt er dus niet daarnaast nog medische kosten, beschadigde eigendommen of gederfd inkomen bij indienen. De enige uitzondering geldt voor nabestaanden: hun uitkering kan worden aangevuld met uitvaartkosten en met de schade door het wegvallen van het inkomen van de overledene, mits met stukken onderbouwd.
Waar aanvragen op stuklopen
De aanvraag is een formulier, de beoordeling is dat niet. Het misdrijf hoeft niet te worden bewezen zoals bij de strafrechter, maar wel aannemelijk te worden gemaakt; het hoeft niet onomstotelijk vast te staan dat het is gegaan zoals u beschrijft. Vervolgens moet het letsel ernstig genoeg zijn voor een categorie, en moet het verband tussen misdrijf en letsel worden gedragen door stukken — de aangifte, en medische informatie van huisarts, ziekenhuis of behandelaar. Bij psychisch letsel kijkt het fonds of u onder behandeling bent bij een behandelaar met BIG-registratie of met een NIP-dienstmerk; bij kinderen volstaat een orthopedagoog met NVO-registratie. Bij zeer ernstige misdrijven neemt het fonds psychisch letsel zonder meer aan en is medische informatie niet nodig.
Een tweede struikelblok is het eigen aandeel. Heeft u zelf bijgedragen aan wat er is gebeurd, bijvoorbeeld door een vechtpartij aan te gaan, dan kan de uitkering worden verlaagd met een kwart, de helft of driekwart, of geheel achterwege blijven (artikel 5 Wsg). Een derde is de verrekening: wat u langs andere weg aan vergoeding ontvangt of nog kunt ontvangen, wordt op de uitkering in mindering gebracht (artikel 6 Wsg).
De termijn
De aanvraag moet binnen tien jaar na de dag van het misdrijf worden ingediend (artikel 7 Wsg); bij nabestaanden gaat die termijn lopen vanaf het overlijden, en voor wie ten tijde van het misdrijf minderjarig was, vanaf de achttiende verjaardag. Een te late aanvraag wordt toch behandeld als blijkt dat zij zo spoedig is ingediend als redelijkerwijs kon worden verlangd — een uitzondering die vooral bij zedenzaken van belang is, waar het vaak jaren duurt voordat iemand erover kan praten. Tegen de beslissing van het fonds staat binnen zes weken bezwaar open; wordt de aanvraag toegewezen, dan volgt betaling binnen dertig dagen.
Als er wél een veroordeling is, maar de dader niet betaalt
Heeft de strafrechter uw vordering toegewezen en daarbij de schadevergoedingsmaatregel opgelegd (artikel 36f Sr), dan int het Centraal Justitieel Incassobureau het bedrag bij de veroordeelde. Blijkt die onvermogend, dan is dat niet uw probleem: betaalt hij acht maanden na het onherroepelijk worden van het vonnis niet of niet volledig, dan keert de Staat het openstaande bedrag aan u uit en verhaalt het daarna zelf (artikel 6:4:2, zevende lid, Sv). U hoeft daar niets voor te doen en niets voor aan te vragen; het incassobureau bericht u uit zichzelf. Na een veroordeling wegens onder meer mishandeling, diefstal met geweld, afpersing, doodslag, moord of een zedenmisdrijf keert de Staat het volledige bedrag uit; in andere gevallen geldt een maximum van 5.000 euro (artikel 4:14 Besluit tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen). Rechtspersonen zijn uitgesloten, een eenmanszaak niet.
Kijk ook naar een ander dan de dader
Het loont altijd om te onderzoeken of iemand anders aanspreekbaar is. Bij geweld in het verkeer is dat de aansprakelijkheidsverzekeraar of, als die er niet is, het Waarborgfonds Motorverkeer (artikel 25 WAM); bij geweld op de werkplek de werkgever op grond van artikel 7:658 BW; bij geweld in een uitgaansgelegenheid soms de exploitant. Een aansprakelijke partij met een verzekering betaalt uiteindelijk sneller en vollediger dan een dader zonder middelen. Welke route in uw zaak voorop hoort te staan, hangt af van de stand van het onderzoek en van de vraag of er verhaal mogelijk is.
Wat de bijstand kost
Bij een gewelds- of zedenmisdrijf met ernstig letsel verstrekt de Raad voor Rechtsbijstand een toevoeging op grond van artikel 44, vierde lid, van de Wet op de rechtsbijstand: geen inkomenstoets en geen eigen bijdrage. De bijstand van een slachtofferadvocaat in de strafzaak kost u in die gevallen dus niets. Voor de aanvraag bij het fonds zelf maken wij vooraf een heldere afspraak.
Wat wij voor u doen
Wij stellen de aanvraag op, verzamelen de stukken die het verband tussen misdrijf en letsel moeten dragen, letten erop dat uw zaak in de juiste letselcategorie wordt ingedeeld en bewaken de termijnen. Wordt uw aanvraag afgewezen of te laag ingedeeld, dan voeren wij het bezwaar. En waar naast het fonds nog een dader of een verzekeraar in beeld is, zorgen wij dat die routes elkaar niet in de weg zitten.
Neem contact op
Twijfelt u of uw zaak in aanmerking komt? Een eerste gesprek is kosteloos en verplicht u tot niets; wij zeggen u eerlijk of een aanvraag kans maakt. Telefoon 035 - 203 11 62 of e-mail info@vittorialaw.nl. U hoort binnen één werkdag van ons.
Veelgestelde vragen
Wat als de dader onbekend of gevlucht is?
Dan is het fonds vaak de enige route, want een veroordeling is geen voorwaarde. Lees verder.
Kan ik ook nog schadevergoeding in de strafzaak vorderen?
Ja; het fonds en de vordering als benadeelde partij sluiten elkaar niet uit, wel wordt verrekend. Lees verder.
Wat gebeurt er als de verdachte wordt vrijgesproken?
Voor het fonds is dat geen beletsel: daar geldt aannemelijkheid, niet bewijs. Lees verder.
Welke schade kan ik na mishandeling vorderen?
Van medische kosten en gederfd inkomen tot smartengeld; wat telt is de onderbouwing. Lees verder.
Kan ik als nabestaande een aanvraag doen?
Ja, met een vast bedrag en de mogelijkheid van uitvaartkosten en gederfd levensonderhoud. Lees verder.
Welke rechten heb ik verder als slachtoffer?
Recht op informatie, inzage, bijstand, bescherming en spreekrecht. Lees verder.
Uw zaak laten beoordelen?
Heeft u schade geleden of bent u verwikkeld in een geschil over aansprakelijkheid, schade of bewijs?
Vittoria Law beoordeelt uw juridische positie, brengt de belangrijkste risico’s in kaart en denkt mee over de meest effectieve vervolgstap.




